Jarno Smeets en hoop
 

Wil je zien wat me bezighoudt?

Blogitems uit 2012

Regelmatig schrijf ik in blogvorm over zaken die me raken of aan het denken zetten: ervaringen in mijn werk, ontmoetingen, inspirerende boeken, films of thema’s. Je vindt ze hier.

04 apr
2012

Jarno Smeets en hoop

Een paar weken geleden was het groot nieuws: Jarno Smeets zou er als eerste mens in zijn geslaagd op eigen kracht te vliegen. Het bericht ging de wereld over, CNN, ABC, iedereen wilde Smeets spreken, maar na korte tijd van grote commotie maakte Smeets (die in werkelijkheid Floris Kaayk heet) in De Wereld Draait Door bekend dat het ging om een nepfilmpje. Even snel als de opwinding was ontstaan was het allemaal weer voorbij. Er was bewondering voor deze hoax, de manier waarop Smeets/Kaayk iedereen voor de gek had gehouden. In alle tumult bleef een ding erg onderbelicht: de rol van hoop.  

Sinds mensenheugenis willen we al vliegen, Leonardo da Vinci maakte al schetsjes hoe dat zou kunnen, maar ondanks enorme technologische vorderingen was het tot nu toe niemand gelukt. Terugblikkend kun je dus zeggen: het was wel zeer onwaarschijnlijk dat dat vliegen nu opeens wel gelukt zou zijn. Er moest dus een bijzondere omstandigheid in het spel zijn die maakte dat we tegen beter weten in dachten dat het filmpje waar was en die maakte dat we even in een staat van opperste beroering raakten. Die bijzonderheid nu is hoop. 
 
Hoop is een enorme kracht. Ga maar na: we gaan naar de sportschool, omdat we hopen af te vallen en fitter te worden. We doen mee aan de loterij, omdat we hopen op de hoofdprijs, we kopen spaarlampen omdat we hopen zo een bijdrage te leveren aan het oplossen van het klimaatprobleem. Hoop drijft ons in talrijke zaken in ons werk en leven. Hoop doet letterlijk leven. Kijk naar de beroemde toespraak van Martin Luther King en je voelt het bloed sneller door je aderen stromen.

‘Hoop’ is ook de titel van een prachtig boek dat Roland van der Vorst enkele jaren geleden schreef (Uitgeverij Nieuw Amsterdam, 2009). Hij ontrafelt daarin op geraffineerde wijze de diverse aspecten van hoop. De kern is volgens Van der Vorst dat hoop een uitzicht biedt op een andere, betere toekomst. Er zijn vier basale manieren om dat te doen: 
1. Een enthousiast uitzicht: de toekomst is prachtig. “Yes we can”.
2. Een nostalgisch uitzicht: het verleden bevat een prachtige toekomst. “De jaren 50 van de vorige eeuw waren een voorbeeld van opbouw, orde en overzichtelijkheid, waar we nu naar terug moeten.”
3. Een bevrijdend uitzicht: breek met het verleden. “De puinhopen van Paars.”
4. Een ongeduldig uitzicht: blijf niet achter. “De BRICS-landen komen er aan.”

Hoopgevers kunnen spelen met hun boodschap. Ze kunnen iets positief brengen (1 en 2) of zich afzetten tegen iets anders (3 en 4). Ze kunnen het verleden als referentiepunt nemen (2 en 3) of juist de toekomst (1 en 4). Wat je ook van ze mag vinden: Obama is een ander soort hoopgever dan Wilders. 

Waarom is dit alles nu zo belangrijk voor organisaties? Naar mijn smaak kunnen leidinggevenden en initiatiefnemers nog veel meer doen met de grote kracht van hoop. Waarom hoor ik zo weinig verhalen met krachtige beelden van de toekomst? Waarom laten leidinggevenden zich zelden gaan in een meeslepend betoog over wat kan zijn, hun ideaal of ambitie? Het zal wel komen door onze weinig retorische en egalitaire cultuur, maar ik zou willen dat het anders was. 
Daarom: wat ik hoop is dat u dat boek gaat lezen. En ik hoop dat het u inspireert een spannend en hoopgevend verhaal over de toekomst aan uw collega’s of medewerkers te gaan vertellen. Zodat dit stukje een kleine bijdrage is geweest aan een hoopvol leven in organisaties. Dat is wat ik hoop.